Waarom Beter Europa?

Vanwaar een referendum?
Op 1 juni 2005 mag elke stemgerechtigde Nederlander zich uitspreken vóór of tegen de Europese Grondwet. Voordat dit ‘grondwettelijk Verdrag’ in heel Europa in werking treedt, moeten alle 25 lidstaten van de Europese Unie het verdrag ratificeren. Voor Nederland betekent dit, dat de regering én de Tweede Kamer moeten instemmen, anders gaat het niet door. De Tweede Kamer heeft echter een wet geïntroduceerd, die regelt dat voordat de Tweede Kamer gaat stemmen eerst een advies aan de bevolking wordt gevraagd. Dat advies - het zogenaamde raadplegend referendum - is juridisch niet bindend. Maar omdat de meeste partijen in de Tweede Kamer al hebben aangekondigd de uitslag van de volksraadpleging te respecteren, gaat het in de praktijk gewoon om een bindend referendum.

De Tweede Kamer wilde het referendum met name om twee redenen. In de eerste plaats is er de hoop dat meer verantwoordelijkheid voor de kiezers de interesse, kennis en verbondenheid met Europa zal vergroten. In de tweede plaats wordt het Europees Grondwettelijk Verdrag door sommigen gezien als aanvulling op de Nederlandse grondwet en als zodanig als belangrijk genoeg word ervaren om aan de bevolking voor te leggen. De regering is tegenstander van het referendum maar het Ministerie van Binnenlandse Zaken voert loyaal de initiatiefwet van GroenLinks, PvdA en D66 uit. De belangrijkste tegenstander van het referendum was het CDA, maar ook deze partij heeft aangegeven om, nu het referendum er toch komt, de uitslag te respecteren.


Wat zijn de vooruitzichten voor de campagne?
De tegenstanders van Europa en de Grondwet hebben de wind in de rug. Opinieonderzoek wijst de laatste paar jaar op een structurele onvrede onder de bevolking die eenvoudig gemobiliseerd kan worden. Het is zeker niet uitgesloten dat dit sentiment een belangrijke rol in de campagne zal gaan spelen, temeer daar de invoering van de euro en de mogelijke toetreding van Turkije tot de EU twee belangrijke redenen zijn waarom een relatief groot aantal mensen een gevoel van wantrouwen tegen haar politieke leiders koestert. Hoewel de steun voor het Europese ideaal nog breed gedragen wordt, is de uitvoering bovendien al lange tijd onderhevig aan zware kritiek; ook dat langjarig achterstallig onderhoud zou in dit referendum mogelijk kunnen culmineren.

De regering is erg terughoudend om een ferm statement voor de grondwet te maken. Onderzoek wijst ook uit dat een stevig statement van de regering juist averechts zou kunnen werken omdat juist de impopulariteit van de politieke macht een sterk motief vormt voor mensen om naar de stembus te gaan en precies het tegengestelde te stemmen van mensen denken dat de regering graag ziet. De regering laat de campagne daarom zoveel mogelijk aan civil society over.

Hoewel veruit de meeste maatschappelijke organisaties voorstander zijn van de grondwet (vanwege de voordelen voor de economie, de politieke slagkracht van Europa, garanties voor mensenrechten, dierenrechten, emancipatie of vanwege andere doelstellingen), zijn er maar weinig organisaties die de wil en de slagkracht hebben om de goed georganiseerde ‘nee’-campagne van een passend weerwoord te voorzien. Individuele organisaties zullen voornamelijk activiteiten voor de direct achterban opzetten, zoals inhoudelijke debatten. Hoe goed en sympathiek dat ook is, zonder een doordachte, grootscheepse en professioneel opgezette campagne zullen onvoldoende mensen bereikt worden. Gezien de veelheid aan organisaties ligt versnippering van de ‘ja’-boodschap op de loer, terwijl de tegencampagne van de SP en Groep Wilders de ruimte krijgt om een eenduidig en sterk populistisch sentiment aan te spreken. Als om die reden de grondwet zou worden afgewezen, is dat leuk voor de extremen in ons politieke spectrum, maar Europa en Nederland zullen er uiteindelijk de dupe van worden.

Waarom is een ja belangrijk?
Wij zijn ervan overtuigd dat Nederland alleen sterk kan blijven in een sterk Europa. De EU moet echter wel beter functioneren en aanvaarding van de grondwet zou ontegenzeggelijk een aantal belangrijke stappen voorwaarts betekenen. De huidige structuur van de EU voldoet niet meer, maar zeker niet nu de EU met tien nieuwe landen in uitgebreid terwijl wij steeds meer moeite hebben om ons met de Verenigde Staten en China te kunnen meten.

Als het een nee wordt, blijven we nog even zitten met Europa zoals dat nu functioneert en dat is weinig transparant, slagvaardig en onvoldoende democratisch. Concreter zijn er veel verbeteringen in deze Grondwet ten opzichte van het nu geldende verdrag: de hele begroting komt onder democratische controle (tot nu toe was dat slechts 60%), er komt een Europese minister van Buitenlandse Zaken die kan helpen een samenhangender beleid te formuleren en Europa zal beter kunnen samenwerken op het punt van veiligheid, migratie en terrorismebestrijding.


© Stichting Beter Europa 2005 • disclaimer